| |
K
Piet Kingma
(1926-1994)
Leo Köhlenberg (1936)
Aafke Komter-Kuipers (1876-1943)
Piet Kingma
Piet Kingma werd geboren op 29 mei 1926
te Leeuwarden. Hij overleed op 24 november 1994 in Arnhem.
Opleiding
Zijn eerste pianolessen en theorielessen ontving hij van Willem
Zonderland. Na de middelbare school werd hij toegelaten tot het
Koninklijk Conservatorium te Den Haag: pianolessen van Hugo van Dalen,
hobolessen van Jaap Stotijn (beide hoofdvakken) en theorie van Martin
Lurssen en anderen. Zijn eindexamen deed hij in 1952. Van 1965 tot 1972
ontving hij lessen in compositie van Hendrik Andriessen.
Werkzaamheden
In 1952 werd Kingma benoemd tot solo hoboist bij het Limburgs Symfonie
Orkest en tot leraar aan het Maastrichts Conservatorium. In 1965 werd
hij benoemd tot directeur van de Venlose muziekschool en tot dirigent
van het Koninklijk Toonkunstkoor Orpheus. In 1966 werd hij dirigent van
het Venlo's Symfonie Orkest.
Composities
In 1949 schreef Piet Kingma de Friese opera Fostedina (libretto: Yps
Boersma-Terpstra) die op 16 november 1950 in première ging in De
Harmonie te Leeuwarden. Zijn latere componeerstijl is beïnvloed door
Hendrik Andriessen en is gematigd modern in een laatimpressionistisch
idioom. Veel van zijn composities zijn in opdracht of voor bepaalde
uitvoerenden, zoals b.v. het Gemini Ensemble, geschreven. In 1953 werd
zijn Concertino voor hobo en orkest bekroond in de AVRO prijsvraag. In
1984 werd hij benoemd tot Ridder in de orde van Oranje Nassau. In
datzelfde jaar componeerde hij de Rilke Lieder, t.g.v. het 100-jarig
bestaan van het Koninklijk Toonkunstkoor Orpheus. Als 'hommage' aan het
Venlo's Symfonie Orkest schreef hij in 1992 Capriccio et choral.
Naar boven
Leo Köhlenberg
Leo
Köhlenberg werd op 29 februari 1936 geboren in Wassenaar.
Opleiding
Zijn eerste muzikale vorming ontving hij van dr. J. van Biezen en dr.
H.L. Oussoren, beiden kerkmusici te Wassenaar. Na zijn middelbare
schoolopleiding studeerde hij kerkmuziek aan het Utrechts
Conservatorium. Docenten waren onder anderen Stoffel van Viegen (orgel),
Adriaan Schuurman (koordirectie), Willem Mudde (kerkmuziekgeschiedenis)
en Bert Matter (contrapunt).
Activiteiten
Van 1973-1985 was hij cantororganist van de Messiaskerk te Wassenaar.
Naast kerkmusicus was hij ook bouwer van oude muziekinstrumenten zoals
klavecimbels, spinetten en klavichorden. Als componist nam hij in 2002
het initiatief tot instelling van de stichting Codice e Musica.
Deze stichting houdt zich bezig met het op muziek laten zetten van oude
gnostische geschriften om deze dichter bij de mensen te brengen.
Verschillende muziekwerken zijn bij Intrada uitgegeven en ook
uitgevoerd.
Composities
Hoewel Leo Köhlenberg zich van jongsaf met compositie heeft
beziggehouden, heeft zijn werk vanaf 1985 een duidelijke vlucht genomen.
Zijn werk heeft voor een belangrijk deel een vocaal element. Hij schreef
oratoria, cantates, motetten en sololiederen. Hierbij is te denken aan
de kerstcantate The Nativity of Light, geschreven in 2000 en
inmiddels in verschillende plaatsen in Nederland uitgevoerd. Onder
auspiciën van de stichting Codice e Musica ontstond het oratorium
Het evangelie naar Maria, gebaseerd op het evangelie van Maria
Magdalena dat in 1896 werd gevonden in een antiquariaat te Caïro. De
tekst van het oude geschrift, deels verloren gegaan, werd vertaald en
gerestaureerd door dr. Maria De Groot, theologe, dichteres en auteur.
Een eerste uitvoering vond plaats op 3 oktober 2003 in de Grote Kerk te
Leeuwarden. Medio 2005 kwam het oratorium Evangelium Veritas tot
stand. Dit werk is opgedragen aan de op 2 maart 2006 overleden prof. dr.
Gilles Quispel, die veel voor het behoud van de oude codexen heeft
gedaan. Naast het vocale werk schreef Leo Köhlenberg ook werk voor
blokfluit, piano en orgel. Gezien zijn betrokkenheid met de oude Ernst
Kaps-piano uit 1897 van Gerard Reve, schreef hij de Sonate Revestique
voor piano, die hij op 12 december 1999 op de Grote Reve-dag in
Amsterdam uitvoerde.
Prijzen
In 1993 schreef de Raad voor de verhouding Kerk en Israël, wegens haar
50-jarig jubileum, een creatieve wedstrijd uit. Leo Köhlenberg schreef
op liedteksten van Henk Fonteyn muziek. Zij ontvingen samen een prijs
voor de liederen, uitgereikt door de minister van cultuur, mevrouw Hedy
d’Ancona. In 1995 werden deze liederen, met verbindende tekst van
Eveline Stern, als musical uitgegeven onder de titel Esther, de ster
van het feest.
Compact discs
Voor de cd The Aurora Project schreef Leo Köhlenberg een
afsluitend koorwerk. De cd van de rockband is uitgekomen bij DVS Records
2005. In 2006 verscheen, vanwege de 70e verjaardag van Leo Köhlenberg de
dubbel-cd Cantare & Sonare, met werk van 1985-2006. Deze cd is
niet voor handelsdoeleinden.
Naar boven
Aafke Komter-Kuipers
Aafke Komter-Kuipers werd op 16 april 1876 geboren te Rotterdam; zij
overleed op 22 juni 1943 te Laren.
Opleiding
Aafke Komter-Kuipers studeerde piano bij Anton Verhey. Later studeerde
zij nog een jaar bij François Adolphe Wouters te Brussel. Op 14 mei 1902
debuteerde zij als pianosoliste bij het Utrechts Stedelijk Orkest o.l.v.
Wouter Hutschenruyter met diens Pianoconcert en met de
Burleske in d van Richard Strauss.
Activiteiten
Na haar huwelijk met kunstschilder Douwe Komter en de geboorte van hun
kinderen kwamen haar muzikale activiteiten op een laag pitje te staan.
Pas op latere leeftijd kreeg zij voldoende gelegenheid haar
liefhebberij, de muziek, weer op te pakken. Haar belangstelling ging uit
naar het Nederlandse muziekleven in de 17e eeuw en meer in het bijzonder
naar het muziekleven in Fryslân. In 1935 publiceerde zij het boekje
Muzyk yn Fryslân oant 1800. In 1942 verleende zij haar medewerking
aan een heruitgave van Valerius’ Nederlandtse Gedenck-Clank
waarvoor zij ook de inleiding schreef.
Composities
Aafke Komter bewerkte liederen van Gysbert Japix en was een van de
eersten die een poging deed werken van Jaques Vredeman te reconstrueren.
Zij componeerde vooral sololiederen waaronder Trije stimmingsbylden
út Gaasterlân op teksten van A. Huizinga-Waaijer en Doe’t ik dy
seach op een gedicht van Ype Poortinga. Musica Neerlandica in Den
Haag bezit een fotokopie van het manuscript van een aantal
Pianostukken uit 1938, opgedragen aan 'Amorah van Kees' (= Cornelis
Dopper).
|
|